• +32 474 82 34 35

26 okt

Een getuigenis van Lieve Huyghe.

Vorig jaar maakte ik kennis met ‘Zinvol Tekenen’ op een inspiratiedag, deze werd me aangeboden op een onderwijsbeurs in Gent. Ik was meteen verkocht. De manier van werken, de manier van kijken naar kinderen, naar onderwijs… Ja, dit was iets voor mij. Dus schreef ik me in voor de driedaagse ‘woordenloos communiceren’! Een voltreffer! Ik ben er meteen met mijn kinderen op school mee aan de slag gegaan. Ik werk namelijk als ondersteuner in het gewoon onderwijs, met leerlingen met extra noden. En de resultaten die ik daarmee behaalde, waren bijwijlen ronduit verbluffend.

Graag vertel ik jullie het verhaal van Riet.

Riet is een meisje uit het 5de leerjaar. Riet heeft geen beperking en ik ben dus niet haar ondersteuner. Wel ben ik de ondersteuner van Lieke. Zij heeft de diagnose van ADHD en ASS en ondervindt dus heel wat moeilijkheden op het vlak van sociale vaardigheden. Alles moet voorspelbaar zijn, en geduld is iets wat niet echt in haar woordenboek staat. Om hieraan te kunnen werken, kozen we om met een klein groepje te werken. Een veilig groepje waarin samen wordt gespeeld, gewerkt en vooral gereflecteerd op hoe het samen werken verloopt. Een groepje waarin persoonlijke dingen kunnen worden uitgesproken zonder dat dat bedreigend word. Ik heb dit als een bijzonder waardevolle vorm ervaren en de meisjes zelf vonden het ook bijzonder fijn om in zo’n klein groepje samen te kunnen werken.

In dit groepje zit dus ook Riet. Op een dag beslis ik om de Zinvol Tekenen werkvorm Fantasy Story te gebruiken, zelf heel benieuwd zijnde wat ik te zien zal krijgen. Toen ik kennis maakte met de werkvorm, vond ik het zelf geen gemakkelijke werkvorm. Misschien liet ik mijn eigen fantasie niet echt de vrije loop, misschien ging ik er te rationeel mee om… Geen idee, maar ik was wel geprikkeld, omdat ik de andere cursisten allemaal heel eigen dingen had zien doen ermee. Dus wou ik wel eens zien wat 11-jarige meisjes met deze oefening zouden aanvangen.

De meisjes krijgen de opdracht om op 4 verschillende blaadjes een lijn, een krul te tekenen, telkens anders. Daarna mogen ze op elk blaadje een woord noteren waarvan ze vinden dat het erbij past. Vervolgens mogen ze op elk blaadje verder tekenen, er meer betekenis aan geven. Tenslotte krijgen ze de opdracht om die 4 blaadjes in een bepaalde volgorde te leggen zodat ze er een verhaaltje mee kunnen maken. Bij elk blaadje wordt een zinnetje geschreven. Indien een blaadje niet zou passen mag het in de pot en wie een ander blaadje wil, kan er eentje uit de pot halen. De meisjes gaan op deze laatste suggestie niet in. Ze kiezen allen om hun eigen 4 blaadjes te gebruiken.

Zodra iedereen klaar is, gaan we naar elkaar luisteren. Elk toont en vertelt haar eigen verhaaltje.

Riet leest haar zinnetjes voor, vrij emotieloos. De andere meisjes stellen wat vraagjes naar betekenis. Op het moment dat ik aan Riet vraag of zij zichzelf misschien soms heel klein voelt, begint ze te wenen, onbedaarlijk te wenen. Het is alsof de dop van het vat is gesprongen. Alle verdriet dat daar opgebotteld zat, kwam er in volle hevigheid uit. Uiteindelijk bleek dat Riet zich helemaal niet goed in haar vel voelt.

Een paar maanden ervoor was ze verhuisd en dus was ze nieuw op deze school.

Alles is omgekeerd.

Riet had niet echt de kans gekregen om afscheid te nemen van haar oude school en vriendinnen, alles was zo vlug gegaan en ze vond geen of weinig aansluiting bij de nieuwe klasgenootjes.

Alles is klein.

Ze vertelde dat het thuis ook niet allemaal gemakkelijk was. Ook de ouders hadden wat aanpassingsproblemen zodat Riet ook daar niet echt terecht kon.

Net zoals mijn papa, hij is klein. 

Dit zorgde ervoor dat ze het gevoel had dat ze nergens ter wereld terecht kon.

En de wolken zijn ook heel klein.

Lieke en de andere twee meisjes waren compleet van slag. Ze kenden Riet als een verlegen, teruggetrokken, rustig meisje. Ze hadden geen idee hoe die zich echt voelde. De vriendschap en de band die toen ontstond was zo mooi om te zien. Er werd geknuffeld en getroost, vooral Lieke toonde zich hierin bijzonder empathisch en meevoelend. Plots was niet zij degene die het moeilijk had, en kon ze iemand anders helpen… Riet was zelf zo verdrietig dat terug meevolgen in de klas niet echt meteen mogelijk was. Eén van de meisjes stelde dan voor dat ze samen met Riet ergens apart zou kunnen zitten en dat ze samen een leuke tekening zouden maken.

Ook de verhaaltjes van de andere meisjes vertelde stuk voor stuk iets over hen als persoon. We hebben deze oefening als behoorlijk confronterend ervaren. De meisjes zijn er zo fantastisch mee omgegaan. Ze begrepen dat wat ze hier van elkaar leerden, niet zomaar iets was, dat ze echt iets bijzonders aan het meemaken waren.

We zijn ondertussen een half jaar verder. De band tussen die meisjes is nog steeds heel sterk, natuurlijk ook met de nodige ruzies, zo gaat dat bij kinderen. Maar de vriendschap is sterk! En Riet? Die is nu echt één van hen. Ze hebben Riet helemaal omarmd en in hun vriendschap ingesloten.

Door dit soort ervaringen raakte ik meer en meer overtuigd van deze manier van werken met kinderen. Ik sta zelf verbluft van wat kinderen allemaal vertellen door hun tekeningen. Ze staan zelf vaak versteld van wat er te vinden is in die tekeningen. Soms weet ik zelf niet goed wat ik mag verwachten…. Maar er is altijd iets waardevols! En het is bovendien nog leuk ook!

Lieve Huyghe, ondersteuner bij ‘De Accolade’.